Vanuit mijn schrijfkamer zie ik uit over het Zeeuwse land.
Achter de provinciale weg die vanaf de Zeelandbrug Noord-Beveland inglijdt, ligt Colijnsplaat; een dorp waar ik eigenlijk alleen kom als ik vlug iets moet halen bij de plaatselijke super. Uit de verte ziet het er idyllisch uit. Colijn, noemen ze het zelf. Als je er binnenrijdt is het wat kalig, met kleine huisjes en smalle straten. Stil en afwachtend. Broedende blikken van zunige Zeeuwen achter vitrage die ik mij herinner van de jaren zestig en zeventig, thuis. De Zeeuw is niet zo'n Mensch die gauw een groetende hand zal opsteken. Ik doe dat al ruim tien jaar wél, koppig als ik ben. Daarbij diep ik mijn welgemeende glimlach op uit een verleden in andere, jovialer streken. Soms gaat er een wedergroetende handpalm omhoog, vergezeld van een wat verbaasde gelaatstrek. Vaak genoeg wordt mijn ruime groet beantwoord met een argwanende blik vanachter eenzelvige, terughoudende ogenspiegels. Ze kaatsen het licht dat ik hun kant op stuur terug. Het blijft donker in Zeeland en Colijnsplaat is daarvan het centrum.
Waarom ik hier dan toch nog woon?
De ruimte, de geweldige plek waar ik woon, de mensen die wél warmte reflecteren, import én Zeeuwen. Want ik generaliseer natuurlijk. Mijn allerbeste vriend is een Zeeuw. Maar de toon is en blijft wel donker. Heeft het met de eilandculturen te maken? Noord-Beveland zit aan vier kanten vast aan andere eilanden en het vasteland van Zuid-Beveland, maar het is om de dooie dood nog wel een eiland. Sterker nog: in Wissenkerke wonen mensen die nog nooit van hun leven in Kats zijn geweest. Want daar woont veel teveel import: allemaal rooien en kunstenmakers...
Toen ik hier een jaartje woonde, bezorgde de Zeeuwse mentaliteit mij een standaard knorrigheid. Inmiddels ben ik ontknord. Ik woon in de zonnigste provincie van het land. Het is er groen, ruim en rustig. Bij tijd en wijle denderen geweldige stormen over mijn woonstulp heen. Met de windvlagen reist immer mijn muze mee.
Ik heb ze door, die Zeeuwen: ze wonen in paradijselijke omstandigheden en willen dat voor zichzelf houden. Die enkele butendieker proberen ze weg te knorren, zwijgen, ontgroeten.
Mislukt.